Caroline/ juli 2, 2018/ Voeding/ 0 comments

Veel Belgen hebben last van een suboptimale spijsvertering met alle klachten tot gevolg. We zijn met zijn allen vergeten hoe een optimale spijsvertering er wel dient uit te zien. Hierdoor neem ik jullie vandaag mee in de wondere wereld van onze optimale spijsvertering.

Bij een suboptimale spijsvertering ervaar je een aantal van onderstaande klachten.

  • Verteringsproblemen
  • Darmgassen
  • Gistings- en rottingsdyspepsie
  • Darmkrampen
  • Aantasting van de darmflora
  • Slechte absorptie van de nutriënten
  • Voedselallergie
  • Kortademigheid door druk middenrif
  • Hartkloppingen
  • Diarree of darmverstopping
  • Vervuiling en verzuring
  • Leverklachten
  • Huidproblemen
  • Verzwakte immuniteit
  • Overgewicht

Heb je meerdere van bovenstaande klachten aangeduid? Dan kun je met zekerheid zeggen dat jouw spijsvertering niet verloopt zoals ze zou horen te lopen. Hoe verloopt zo’n optimale spijsvertering dan? Er zijn drie verschillende verteringstrajecten die we hiervoor dienen te volgen: de koolhydraten, de vetten en de eiwitten. Alle drie hebben zij hun eigen traject doorheen ons spijsverteringsstelsel.

De optimale spijsvertering houdt het spijsverteringsvuur gaande.

De optimale spijsvertering houdt het spijsverteringsvuur gaande.

Optimale vertering van koolhydraten

Hiervoor gaan we een stuk brood als voorbeeld nemen, wat hoofdzakelijk uit zetmeel bestaat. We kauwen op het stuk brood waardoor de voedselbrok wordt verkleind en vermengd met speeksel. Dit speeksel bevat ptyaline. Ptyaline breekt zetmeel af tot kleinere koolhydraatketens. Door het kauwen wordt de voedselbrok kleiner. Later in het spijsverteringsstelsel kunnen de enzymen hierdoor beter hun werk doen.

Vervolgens gaat onze voedselbrok verder via de slokdarm naar de maag. Indien er bacteriën in de voedselbrok zitten worden deze gedood door de pH van ons maagzuur. De suikers worden door het maagzuur gestabiliseerd. De onderste maagklep zal de voedselbrij in kleine hoeveelheden naar de twaalfvingerige darm doorgeven. Dit op het tempo van de ademhaling, waardoor het goed kan zijn om een wandeling te maken na de maaltijd om beter te verteren.

In de twaalfvingerige darm zal de pancreas zijn enzymen aan de brok toevoegen om deze verder te verteren. Waarna de voedselbrok zijn weg vervolgt naar de dunne darm om opgenomen te worden via de darmwand in het bloed. Hebben we echter onze koolhydraten onvoldoende kunnen verteren, dan zullen zij in de dikke darm tot gisting overgaan. Hierdoor kunnen we buikpijn ervaren en een opgeblazen gevoel.

Brood bevat hoofdzakelijk koolhydraten.

In brood zitten er hoofdzakelijk koolhydraten, maar ook nog een kleine hoeveelheid eiwitten.

Eiwitten verteren ietsje anders in een optimale spijsvertering

Als voorbeeld van een eiwitbron gaan we yoghurt gebruiken. Op yoghurt dienen we minder te kauwen vanwege de textuur, maar ook hier is goed kauwen belangrijk voor het vervolg van de weg. In onze mondholte gebeurt er buiten het kauwen niet veel noemenswaardig met eiwitten. Ze worden reeds snel doorgeleid naar de maag. Ook hier zal maagzuur de aanwezige bacteriën doden. Bij eiwitten heeft maagzuur daarnaast ook nog een belangrijke rol in de vertering. Onder invloed van het maagzuur wordt het enzym peptide actief, dewelke eiwitketens in kleinere stukken splitst. Daarnaast bevindt zich in het maagzuur een intrinsieke factor die zich zal binden aan vitamine B12 om deze te kunnen opnemen in de dunne darm.

Wanneer de halfverteerde eiwitten in de twaalfvingerige darm komen, zullen zij door de pancreas verder verteerd worden. Vervolgens worden zij in de dunne darm opgenomen in het bloed. De onverteerde eiwitten komen in de dikke darm terecht waar ze gaan rotten.

Vetten het speciale verteringsgeval

Voor de vertering van vet volgen we de vertering van boter. De boter wordt eerst gekauwd in de mond en gaat vervolgens naar de maag. Vetten zorgen ervoor dat de maag vertraagt en het voedsel langer in de maag verblijft. In de twaalfvingerige darm komen vetten pas tot vertering. Daar worden ze door middel van gal in kleinere brokken gesplitst. De kleine vetketens zullen in de dunne darm opgenomen worden in het bloed. Grotere vetketens worden opgenomen via de lymfewegen. Indien je last hebt van vetdiarree wijst dit er op dat je gal en lever suboptimaal werken.

In het ideale geval kunnen alle drie deze macronutriënten perfect worden verteerd en opgenomen. Bij een optimale spijsvertering is dit alvast het geval. Heb jij geen optimale spijsvertering en wil je hier graag verandering in brengen? Boek dan een kennismakingsgesprek zodat we kunnen kijken welke stappen jij kunt nemen naar een betere spijsvertering.

 

Share this Post

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.